"Bagaimana kita mengalahkan pencobaan?"

Matteüs 4:1-11

 

Geliefde gemeente. Wie kent de kracht van GSM niet? Met GSM bedoel ik niet de mobiele telefoon, maar Geld, Seks en Macht. Mensen kunnen vallen in allerlei schandalen die veroorzaakt worden door GSM. In Nederland was er een ondernemer en opiniemaker die misbruik maakte van de coronacrisis om flink geld te verdienen. Samen met twee zakenpartners verkocht hij vorig jaar mondkapjes aan de overheid (ministerie van Volksgezondheid) onder het mom van hun non-profitorganisatie. Doordat hij politieke contacten had met veel prominenten, kon hij de deal rondkrijgen. Hij hield 9 miljoen euro over aan de mondkapjesdeal en zijn beide zakenpartners ruim 5 miljoen euro per persoon, terwijl zij vooraf zeiden niets te verdienen aan de levering. Afgelopen donderdag kondigde een bekende advocaat aan dat hij aangifte gaat doen tegen die opiniemaker. De verzoeking van GSM zien we overal om ons heen. Niemand is imuun voor deze verzoekingen. Ook christenen niet. U, jij en ik ook niet.

Direct na Zijn doop gaat Jezus naar de woestijn. Hij vast daar 40 dagen lang, een geestelijke voorbereiding vóór Zijn bediening. Voordat Jezus begint met Zijn bediening op aarde, wordt Hij drie keer verzocht door de duivel. De eerste verzoeking gaat over de begeerte van het vlees. De tweede verzoeking gaat over de begeerte van de ogen. De derde verzoeking gaat over pronkzucht en macht.

Misschien vraagt u zich af waarom er staat: ‘Jezus werd door de Geest weggeleid naar de woestijn om verzocht te worden door de duivel’? Het verband tussen de Heilige Geest die Jezus naar de woestijn voert om op de proef gesteld te worden en de duivel, is het verband tussen de beproeving en de verzoeking (in het Grieks echter hetzelfde woord: ‘dokimos’). God stelt immers op de proef (Gen. 22:1, Psalm 81:8) om iemands geloof sterker te maken en om iemand aan te moedigen tot volharding. Deuteronomium 13:4 zegt: ‘...Want de HEER, uw God, wil u daarmee op de proef stellen, om te ontdekken of u Hem wel met hart en ziel liefhebt.’ (Vgl. ook I Petrus 1:6-7). De duivel probeert daarentegen te verleiden om iemand ten val te brengen. De duivel wil Gods planning en bedoeling met een mensen leven verstoren en doen mislukken. Wij kunnen dan concluderen: de Heilige Geest is soeverein en kan dus iemand op de proef stellen met het oog op het goede voor hem, terwijl de duivel daarvan profiteert met het oog op het kwaad, voor zover God hem dat toestaat.

Jezus wordt drie keer verzocht door de duivel. In die verzoekingen van Jezus, horen we de echo van de verzoekingen van de eerste mens, Adam. In tegenstelling tot Adam, die gevallen is na de verzoekingen, heeft Jezus de verzoekingen overwonnen. God zij dank!

Als wij Jezus willen volgen en dienen, zullen we ook allerlei verzoekingen meemaken. Ook in de bediening in de kerk. Zoals Maarten Luther zegt: ‘Waar God Zijn kerk bouwt, daar bouwt de duivel zijn kapel ernaast ‘. Als wij niet alert zijn te midden van die verzoekingen, kunnen we vallen en zullen we snel ontmoedigd raken en ophouden. Het kan ook zijn dat wij Christus blijven ‘dienen’, maar met een verkeerde motivatie: voor mijn naam, mijn koninkrijk, mijn wil.

Hoe kunnen we de verzoekingen overwinnen? Graag wil ik met u delen: 4 sleutels om de verzoekingen te overwinnen:

1. Vertrouw op Gods leiding

De Here Jezus leert ons bidden: ‘Onze Vader, die in de hemelen zijt... En leid ons niet in verzoeking, máár verlos ons van de boze.

Ten eerste: God leidt je! Vertrouw op Zijn leiding! God is je Gids. En als Gids weet God ook wat Hij doet. Ons leven wordt geleid door onze hemelse Vader. En Hij, als Vader, heeft het goede met ons voor. Maar juist omdat Hij het goede met ons voorheeft, zal Hij ons niet beschermen tegen alles wat gevaarlijk is.

Denk maar aan de opvoeding van een kind. Als u een kind meeneemt naar de supermarkt, dan wijst dat kind steeds naar snoepjes, chocolade, chips en zegt dat kind herhaaldelijk: ‘Oh, dat is lekker, zullen we dat kopen?’ Je kunt dan zeggen: ‘Ik neem mijn kind nooit meer mee naar de supermarkt, daar zijn té veel verleidingen,’ maar een goede ouder zal zeggen: ‘Nee, mijn kind moet juist leren om daarmee om te gaan, en om niet op al die verleidingen in te gaan.’

Zo is het met God ook. Hij leidt ons door deze wereld heen, als een hemelse Vader, als een goede Gids. Maar Hij zal ons niet altijd weghouden van alle verleidingen en alle gevaren. Dan zouden we papkinderen worden, zonder ruggengraat en zonder weerstand. God  helpt ons om sterk te worden, en daarom gaat onze weg soms wel degelijk door gevaren en ook door verleidingen.

2. Erken je eigen zwakheid

Denk maar aan Petrus, de stoere discipel van Jezus. Hij had geen idee van zijn eigen zwakheid. Bij de Paasmaaltijd, vlak voordat Jezus gevangen genomen wordt, zegt Petrus: ‘Al zou ik met U moeten sterven, verloochenen zal ik U nooit.’ En wat gebeurd er? Een paar uur later heeft Petrus drie keer gezegd dat hij Jezus niet kent.

Dat is het gevaar van de overmoed. En juist daarom is het belangrijk dat wij nederig bidden: ‘En leid ons niet in verzoeking, máár verlos ons van de boze.’ Petrus kent zijn eigen zwakke plek niet goed, en daardoor wordt hij overmoedig. Als je je eigen zwakke plekken kent, dan ben je meer op je hoede.

De één heeft bijvoorbeeld de verleiding van overmatig alcoholgebruik (verslaving). Terwijl een ander geen enkele moeite heeft met alcoholgebruik. ‘Geef mij maar gewoon gemeentepils (kraanwater).’

Maar die ander heeft weer een andere zwakke plek. Die kan weer heel gevoelig zijn voor elke verleiding die met geld te maken heeft. ‘De ogen worden groen’, zegt men in Indonesië.

Veel verleidingen zijn op die GSM (Geld, Seks en Macht) terug te voeren. Maar er zijn ook andere verleidingen of verzoekingen. Denk bijvoorbeeld aan de verleiding van de haat. Of de verleiding om te blijven staan bij de fouten van een ander en niet willen vergeven. Roddelen of negatief praten over anderen is ook een verzoeking die wij veel meemaken. Er zijn ook emotionele verzoekingen, zoals: ongeduld, snel boos zijn, of lichtgeraakt.

Wij hebben allemaal onze zwakke plekken, en het is belangrijk dat wij die kennen en erkennen. Verder is het belangrijk, als wij bidden: ‘Leid ons niet in verzoeking’, dan moeten we dat zelf natuurlijk ook niet doen. Dan moet je zelf ook bewust afstand houden van plekken en situaties waarvan jij weet dat je daar gevaar loopt. Als iemand zwak is met alcohol, moet hij bijvoorbeeld niet werken bij een wijnmaker.

Wat betreft seksuele verleiding, kunnen we leren van evangelist Billy Graham. Hij was niet alleen bekend met zijn opwekkingsdiensten, maar ook met zijn integer leven. De meest opvallende regel van Billy Graham was dat hij niet alleen met een andere vrouw dan zijn echtgenote zou zijn. Mocht dat wel nodig zijn dan nam hij altijd zijn echtgenote mee. Dit werd bekend als de Billy Graham-regel.

3. Wees op je hoede voor de boze en biedt weerstand door het geloof.

Petrus heeft geleerd van zijn zwakheid. Daarom schrijft hij in I Petrus 5:8: ‘Wees waakzaam, wees op uw hoede, want uw vijand, de duivel, zwerft rond als een brullende leeuw, op zoek naar een prooi....’  Dat betekent niet dat je bang moet zijn voor de duivel. Je moet vooral niet bang zijn, maar wees wel op je hoede. Onderschat ‘m niet.

Een man reisde met zijn kameel door de woestijn. ‘s Nachts was het koud en daarom sliep hij lekker in zijn tent. Na een poosje werd hij door een geruis gestoord. Hij zag, hoe de kameel zijn neus naar binnen stak. ‘Wat doe je daar?’ vroeg hij hem. ‘Buiten is het zo koud’, zei de kameel, ‘ik ga mijn neus een beetje opwarmen in je tent’. ‘Dat is goed!’ En de man viel weer in slaap. Opnieuw werd hij wakker door geruis. Hij zag, hoe de kameel z´n kop in de tent had geschoven. ‘Ik had je alleen toestemming gegeven om je neus in mijn tent op te warmen’, zei de man. ‘Maar het is zo koud. Laat me nou toch m´n kop in je tent opwarmen’, antwoordde de kameel. ‘Oké dan!’ Weer viel de man in slaap om al gauw weer wakker te worden en te zien, dat kop, nek en voorpoten van de kameel in zijn tent stonden. ‘Ik vond het alleen goed om je kop in mijn tent op te warmen’, zei de man boos. ‘Maar het is zo koud. Laat me nou tenminste de helft van mijn lijf bij je warm worden’, antwoordde de kameel. ‘Vooruit dan maar, maar meer ook niet!’ De man viel in slaap. Toen hij wakker werd, kon hij bijna niet bewegen. De kameel was helemaal in zijn tent gekropen. Toen zei de kameel op gebiedende toon: ‘Verdwijn uit mijn tent... domme man, die je bent!’

Op zo’n manier werkt de duivel ook: geleidelijk aan totdat hij helemaal bezit neemt van ons leven. Daarom zegt Petrus verder: ‘Stel u tegen hem teweer, gesterkt door uw geloof...’  (I Petrus 5:9)

Hoe heeft Jezus de verzoekingen van de duivel overwonnen? Door elke keer te bouwen op Gods Woord. Laten we daarom dicht bij God en dicht bij Zijn woord leven.

4. Blijf gefocust op Jezus! Hij is de Verlosser!

In het Onze Vader bidden wij: ‘En leid ons niet in verzoeking, máár verlos ons van de boze.’ In dit gebed bidden we om verlossing, en daarmee ook om een Verlosser. Jezus is de Verlosser. Iemand die de macht van de boze breekt. Iemand die ons vrijwaart van de macht van de satan.

Jezus heeft drie keer de verzoekingen in de woestijn meegemaakt. De verzoeking om te kiezen voor de bevrediging van eigen behoefte en verlangen (voor het lekkere brood), de verzoeking om te kiezen voor de sensatie (van het dak van de tempel springen en gedragen worden door de engelen, zodat iedereen ‘wauw’ zou roepen), de verzoeking van het afsnijpaadje (niet de lange weg van het lijden en het kruis, maar gewoon even neerknielen voor de duivel en van hem alle macht krijgen).

Doordat Jezus die verzoekingen heeft meegemaakt, weet Hij als geen ander de verzoekingen die wij meemaken in dit leven. En omdat Hij de duivel heeft verslagen, hier in de woestijn en later door Zijn kruisdood en opstanding, kan Hij ons verlossen van de boze. Hebreeën 4:14-16 zegt: ‘Nu wij een hooggeplaatste hogepriester hebben die de hemelsferen is doorgegaan, Jezus, de Zoon van God, moeten we vasthouden aan het geloof dat we belijden. Want deze hogepriester kan met onze zwakheden meevoelen omdat Hij, net als wij, in elk opzicht op de proef is gesteld, maar dan zonder te zondigen. Laten we dus zonder schroom de troon van Gods genade naderen, waar we telkens als we hulp nodig hebben barmhartigheid en genade vinden.’ (NBV21). Wat een bemoediging is dit! Blijf daarom gefocust op Jezus! Door Zijn Heilige Geest, wil Jezus ons helpen en steunen in de strijd!

Geliefde gemeente. Vertrouw op Gods leiding. Erken je eigen zwakheid. Wees op je hoede voor de boze en biedt weerstand door het geloof. Blijf gefocust op Jezus! Hij is de Verlosser! Zo kunnen wij de verzoekingen overwinnen.

Amen