Overdenking tijdens de GKIN retraite op 1-3 mei 2008 te Postel van Mol te België

Introductie:
Check & recheck (Filling Station)
Actieve bediening wil nog niet zeggen dat wij groei in ons geloof ervaren. Enige tijd geleden was in Indonesie een beweging die “Filling Station” heet. Dit is een verbond tussen denominaties dat gezamenlijke diensten houdt. Opvallend van deze gemeenschap is dat de mensen actief zijn in het dienen, zoals de voorgangers die meer dan 3X per zondag preken. Ondanks dat zij actief zijn in het dienen, is het toch slechts een routine zaak omdat er geen meerwaarde wordt toegevoegd aan het geloof en hun kennis van God.
Hoe kunnen wij bij voortduring Christus’ aanwezigheid in ons dagelijks leven vinden?

Vrouw op de airport: De eerste stap is om dankbaar te zijn dat God aan ons gegeven is. Het blijkt dat een vrouw die haastig incheckte, nog tijd over had. Ze kocht toen een zak beschuit. Daarna ging ze zitten en las een boek. Even later kwam een man naast haar zitten. De vrouw trok zich niets aan van de aanwezigheid van de man. Zij raakte verstoord toen zij hoorde dat hij een beschuit at en raakte meer verstoord toen de man het ene beschuit na de andere opat. Toen hij haar een beschuit aanbood, nam ze deze geergerd aan. En ze nam nog een beschuit omdat ze bang was dat de man haar zak beschuit zou opmaken. Niet lang daarna hoorde zij dat haar vliegtuig zou vertrekken. Onder het lopen haalde ze haar boardingpas uit de tas. Wat schrok ze toen bleek dat de zak met beschuit die ze gekocht had nog onaangetast was. Ze vroeg zich af wiens beschuit ze zonet gegeten had.
Wat is de morele boodschap van bovenstaand verhaal? Wij zijn immers vaak zoals de vrouw uit het verhaal en beschouwen al gauw dat e.e.a. uit onze omgeving ons bezit is: geld, materie, tijd, man, vrouw, kind, bedieningen, etc. Wij vergeten dat Alles uit onze omgeving slechts te leen is gegeven door God, ook de wereld waarin we leven.Leven is een genade. Als wij in de Bijbel geloven dan erkennen we dat we uit stof zijn ontstaan. We krijgen nog de gelegenheid om te leven, te werken en God te dienen. Dat is God’s genade. Maar we nemen alles als vanzelfsprekend aan. Stel eens voor dat God ons vraagt om de lucht die we inademen te betalen, bijvoorbeeld voor 5 cent per seconde. Hoeveel zouden we niet moeten betalen voor 1 uur, 1 dag, 1 jaar en voor onze leeftijd? Het is niet te betalen.

DE KERN
Als we werkelijk willen ervaren dat dit leven God’s genade is, dan zullen we niet moeten leven om slechts aardse bronnen te consumeren. Maar we moeten ernaar streven om ons aardse leven betekenis te geven. Als een tijger dood gaat, laat hij zijn huid achter. Als een olifant dood gaat, laat hij ivoor achter. Als een mens sterft, laat hij zijn goede naam achter (en niet zijn schulden !!). Een van God’s doelen voor ons leven is bediening. Het dienen van God is geen keuze of een interesse van een moment, maar het is een ROEPING. Een roeping nadat we hebben besloten om God te aanvaarden om Zijn volgeling te worden. Daarom moeten we ons begeven in bedieningen om God en onze naasten te dienen. Elke christen is een deelnemer, een participant, binnen de activiteiten van het geloof; hij/zij is geen toeschouwer.
De Bijbel geeft enkele metaforen over de roeping om te bedienen. Waar het om gaat: talenten moeten gebruikt en ontwikkeld worden en mogen niet verborgen blijven. Het is te vergelijken met een lichaam waarvan elk lid moet functioneren.

WAAROM
Waarom moeten we God dienen? Omdat we een voorbeeld moeten nemen aan Jezus (Lucas 22:27; Marcus 10:45). Als zelfs de Here Jezus die onze leermeester is bedient, moeten wij, als Zijn leerlingen, het dan ook niet doen? Wij worden niet gered door bediening te ontvangen, maar om te dienen. (Efeze 2: 8-10). Onze redding is God’s genade, een gift van God; het is niet het resultaat van ons eigen werk. Voor God zijn wij allen gelijk (er is geen baas in de kerk). Vers 10 zegt dat wij door God geschapen zijn in Jezus Christus. Dus, hoe onze bestaanswijze ook is, wij zijn God’s “Meesterwerk”. Als God’s schepselen zijn we geschapen om goed werk te doen. De bedoeling van goed werk is om God en onze naasten te dienen. We moeten ons ervan bewust zijn dat we een schuld hebben bij God en niet bij machte zijn om de redding die God ons door Zijn genade gaf, in te lossen. Als dank zijn we geroepen om God en onze naasten te dienen.
Voor mensen die reeds gered zijn en wier zonden reeds verlost zijn, is de orientatie op het leven anders geworden. Het middelpunt is niet meer onszelf (2 Cor.5:15). In ons gezamenlijk leven als God’s kinderen gaat het niet om een relatie zoals: jij bent er voor mij (parasiteren), of jij-jij en ik-ik (individualistisch), maar het gaat om jij bent er voor mij en ik ben er voor jou (mutualistisch).

WAT
De definitie van bediening is: “vanuit de beleving dat wij alles slechts van God geleend hebben, behoren wij voor onze naasten klaar te staan en onszelf totaal te geven (in tijd, met onze krachten, gedachten, geld) in onze bediening, waar ook maar. Dit is een realisatie van onze gehoorzaamheid aan Jezus Christus.”

HOE
Met heel ons hart en vol liefde (passie). Met nederigheid.

WAAR
Wij kunnen overal dienen. Belangrijk is onze motivatie (Kol. 3:23). God heeft voor ons een eigen plan om Zijn kerk te dienen (Ef.4: 11-16). Wij moeten een groei in het geloof doormaken ten behoeve van de ontwikkeling van Christus’ lichaam (de gemeente).

TENSLOTTE
Het gaat niet om hoe lang wij leven, maar hoe wij leven.