Marcus 10:35-45
 
Broeders en zusters, als we de ontwikkelingen volgen van wat er nu gebeurt in Libië en in het Midden Oosten, en wat eerder in Egypte is gebeurd dan zien we hoe de mens, zowel leiders als het volk, strijdt en oorlog voert om wat macht heet. Eerlijkheidshalve moeten we toegeven dat door de machtsstrijd er onrust en opschudding ontstaat. Probeer te letten op de ontstane conflicten overal, ook in de bijbelverhalen; het betreft veelal macht.
 
Broeders en zusters, wat is macht? De eenvoudige definitie van macht is instaat te zijn om iets te laten gebeuren bij een ander. Is het niet heerlijk als we macht hebben? We zijn tevreden als anderen ons gehoorzamen en onze wil doen. Vandaar het gezegde, wie al eens op de zachte kussens van de macht zit, vergeet om op te staan. Dit betekent dat hij graag zijn macht wil behouden, die hij bezit.
 
Maar, zusters en broeders, het zijn niet allemaal leiders, die de macht bezitten. Eigenlijk heeft iedereen macht, ook een kleine baby. Ach is het waar dat een kleine baby macht heeft? Het bewijs is dat als een baby ‘s nachts hard huilt, de baby de moeder of vader kan dwingen om wakker te worden en de baby te benaderen. Dus op dat moment is de baby bezig zijn macht te gebruiken. Reinhold Niebuhr zegt dat er in de mens een ambitie kleeft dat “instinct om macht na te jagen” heet.
 
Broeders en zusters, in de geschiedenis waren er inderdaad leiders die macht najoegen en zijn macht gebruikte om een grote dictator te worden, zoals Hitler, Stalin en anderen. Maar er zijn juist veel kleine dictatoren. Een dominee of een kerkenraadslid kan een dictator worden in de kerk. Alzo ook een echtgenoot of een echtgenote een dictator thuis kan worden. Wie is thuis de baas?
 
Spreken over macht binnen het gezin, herinner ik mij het boek van Walter Trobisch, The Misunderstood Man. In dat boek vertelt Trobisch over een stamhoofd in Afrika, die op een dag alle getrouwde mannen bij hem thuis verzamelde. Hij heft gehoord dat de mannen van zijn region zich buigen voor de macht van hun vrouwen.
 
Het stamhoofd maakt zich zorgen hierover en wil weten of er echt in zijn region geen echte mannen meer zijn. Daarom vroeg hij alle mannen om te komen en te kiezen. Die zich beheerd voelen door zijn vrouw mag door de rechterdeur, en de rest door de linkerdeur gaan.
 
Geschrokken keek het stamhoofd naar het resultaat. Alle mannen gingen door de rechterdeur, behalve een man. En het stamhoofd was al blij met die ene echte man in zijn stam. Trots vroeg hij aan die man: wat is jouw geheim, dat je over jouw vrouw kan heersen? Vertel op !
 
Verlegen antwoordde die man: Meneer Stamhoofd, voor ik hier naartoe ging, kwam van mijn vrouw een boodschap dat ik mij anders moet gedragen dan de rest. Toen ik alle mannen door de rechterdeur zie gaan, koos ik voor de linkerdeur. Zwak voelde het stamhoofd zich, ook deze man zit onder de plak van zijn vrouw.
 
Broeders en zusters, eigenlijk is macht neutraal, niet goed en ook niet kwaad. De macht is zoals een mes. Een mes kunnen we gebruiken om groenten te snijden om gegeten te kunnen worden en nuttig voor onze gezondheid. Maar hetzelfde mes kun je ook als wapen gebruiken om iemand te bedreigen. Zo kan macht nuttig zijn of ongeluk veroorzaken.
 
In het kader van de thematische preken over christelijke identiteit in de GKIN, kreeg ik opdracht om de christelijke identiteit als koning uit te leggen. Dit thema heeft met de identiteit van Jezus te maken, die Koning, Priester en Profeet werd genoemd. In de geschiedenis van het volk Israël weten wij, dat Israël aanvankelijk juist geen koning had, omdat zij een theocratisch overheidsysteem hanteerde. Dit betekent dat God zelf de koning was. Maar later verlangde het volk Israël een koning net zoals de andere volkeren. Toen kwam het ambt koning in het volk Israël.
 
De functies van koning in die tijd waren 1) heil brengen voor zijn volk; 2) rechtvaardig regeren en 3) vrede en welvaart voor het volk zorgen. In deze thematische preek over christelijke identiteit als koning, focus ik mij op de macht. Want de koning is het symbool van de macht.
 
Als volgeling van Christus willen wij van de Here Jezus zelf leren over deze macht. Hoe kijkt Jezus naar de macht, hoe gebruikt Hij de macht, en vanwaar Zijn macht komt? Uit het leven van Jezus, weten wij dat Jezus de macht nooit voor Zich zelf gebruikte, maar voor anderen. Hij gebruikte de macht niet om anderen te benadelen, maar om hen te helpen.
 
In onze perikoop wilde Jezus Zijn macht niet misbruiken om bepaalde mensen voor te trekken. Kijk naar de verzen 35-37, toen twee leerlingen van Jezus, namelijk Jakobus en Johannes, de kinderen van Zebedeüs, (die nauw gerelateerd waren aan Jezus, omdat hun moeder Salome nog familie was van Maria, de moeder van Jezus) aan Jezus vroegen, om later links en rechts van de Here Jezus te mogen zitten.
 
Jezus wist dat die twee leerlingen naar macht vroegen. Wat was Jezus’ antwoord, kijk naar vers 40: “Maar wie er rechts of links van mij zal zitten, kan ik niet bepalen, die plaatsen behoren toe aan hen voor wie ze zijn bestemd.” Het bleek dat Jezus niet gevoelig was voor connecties. Jezus verviel niet in nepotisme.
 
Wat was de reactie van de andere leerlingen van Jezus, toen zij dat gesprek hoorden? Vers 41 vertelt, dat zij kwaad op Jakobus en Johannes werden. En waarom werden zij kwaad? Het ziet ernaar uit dat zij ook naar die macht verlangden, daarom waren zij jaloers en kwaad op Jakobus en Johannes.
 
Toen leerde Jezus hen, kijk naar vers 42: “Jullie weten dat de volken onderdrukt worden door hun eigen heersers en dat hun leiders hun macht misbruiken.” Dat is het concept en de gangbare praktijk van de macht. En dit is een feit en we kunnen zelf zien wat er nu in de wereld gebeurt.
 
Geweld wordt voor eigen belang gebruikt door andere mensen te benutten. Macht wordt gebruikt om te dreigen, te onderdrukken, te dwingen, af te persen, of iemand te laten vallen. Daarna legde Jezus het concept van de macht uit: “Wie van jullie de belangrijkste wil zijn, zal de anderen moeten dienen, en wie van jullie de eerste wil zijn, zal ieders dienaar moeten zijn.” (verzen 43-44).
 
Dat is het concept van Jezus over de macht. Macht is niet voor eigen belang, maar voor anderen, namelijk om hen te dienen. In het algemeen zijn we geneigd om groot te worden, maar we willen de medemens niet dienen. Wij willen toonaangevend worden, maar zijn niet bereid om dienaar voor anderen te worden.
 
Via Zijn uitspraak introduceerde Jezus, die als een koning werd beschouwd, een principe dat voor onze gezamenlijke bediening geldt, te weten “leiderschap die dient of dienende leiderschap” (servant leadership).
 
Zo te horen is dit principe een beetje een contradictie, niet waar? Hoort een leider een dienaar te zijn? Normaliter dient een leider bediend te worden en bedient hij niet.
 
Dan de vraag, hoe is het mogelijk om leider te worden en dienaar tegelijkertijd? Broeders en zusters, laten we de relatie tussen leiden en dienen bekijken; tussen een leider en een dienaar:
 
“Leiden is dienen, maar dienen is niet altijd leiden. Degene die niet wil dienen, mag niet leiden en behoudt zich ook niet het recht daartoe voor. Een leider is een dienaar, maar een dienaar hoeft niet per se een leider te zijn. Degene niet graag dienaar wordt, is niet geschikt om leider te worden.”
 
Dus een ware leider is niet iemand die veel macht heeft, maar heeft de mentaliteit van een dienaar. Hij moet de motivatie van een dienaar bezitten. Iemand kan een dienende leider worden als zijn hart werkelijk gedreven is om te dienen.
 
Jezus leert ons dit principe, gebaseerd op wat Hij in de praktijk had gebracht, kijk naar vers 45: “Want ook de Mensenzoon is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen en zijn leven te geven als losgeld voor velen.”
 
Er is een verhaal van de vrijheidsoorlog van de Verenigde Staten van Amerika in het 18de eeuw. Een paar soldaten duwden een grote kar die in de modder bleef steken. Zij duwden met alle macht, maar helaas waren hun krachten beperkt. De commandant, die korporaal van rang was, hielp niet. Hij bleef maar staan en schreeuwen: ‘Ga duwen! Kom, duw verder!’
 
Op dat moment, kwam iemand op een paard langs. Deze gebeurtenis gezien te hebben stapte hij van zijn paard af. Zonder een woord te zeggen, stapte hij in de modder en hielp de kar te duwen. Mede door zijn hulp, was het gelukt om de kar uit de modder te halen.
 
Daarna benaderde hij de korporaal en fluisterde: “Korporaal, als u andere keer weer hulp nodig hebt, roep mij maar. Mijn naam is George Washington.” Direct verbleekte de korporaal en salueerde direct: “Jawel Generaal”. De man op het paard bleek Generaal Washington te zijn, de Opperbevelhebber en President van Amerika.
 
Dierbare gemeente van de Here Jezus, laten we gehoor geven aan onze roeping als de kerk van de Heer te midden van deze wereld door ons aan Jezus te spiegelen, Die gekomen was niet om gediend te worden, maar om te dienen. Hoewel Hij de macht heeft als “Gods Zoon” en “Koning”, regeert Hij niet met macht voor eigen belang maar om de medemens te dienen.
 
Een tijdje terug las ik een interessant artikel, geschreven door Dr. Sjaak van ‘t Kruis, beleidsmedewerker van de scriba van PKN, over de toekomst van de kerk in Nederland. Hij zei, je hoeft geen profeet te zijn om de toekomst van de meeste kerken in Nederland te voorspellen. Het feit wijst nu aan dat veel kerken verkocht worden omdat ze door hun leden verlaten worden. Het gevolg is dat veel predikanten hun voltijds werk verliezen. Veel sociologen voorspellen dat de leden van PKN, die nu 2 miljoen tellen, in 2050 tot ongeveer 500 duizend zullen tellen.
 
In zijn artikel vertelde Dr. Van ’t Kruis van de groei van de migrantenkerken in Nederland, die nu ongeveer 800 duizend leden tellen. Vele migrantenkerken hebben geen kerkgebouw als faciliteit. Zelfs is er een kerk die een autogarage gebruikt als plaats om een eredienst te houden. De meeste leden van deze migrantenkerken hebben geen hoge posities en ook geen hoge inkomens. Maar deze kerken groeien snel.
 
Dr. Van ’t Kruis waarschuwde over de existentie van de kerk. Als een kerk dienen we niet bezig te zijn met vergaderen of met organisatie. Maar een kerk is een levende gemeenschap, waarin de leden enige broederschap en liefde ervaren. Zij leven door aandacht aan elkaar te geven en elkaar te dienen, met elkaar te delen en elkaar aan te vullen. Door dit christelijk leven in de praktijk te brengen, wordt hun geloof steeds vernieuwd en vervolgens kan een geloof als dit aan de volgende generatie overgeërfd worden.
 
Laten we als gemeente van GKIN onze christelijke identiteit zien, word een gemeente die elkaar liefheeft en elkaar dient, de waarheid durft te verkondigen en vrede en heil brengt voor vele mensen in Nederland. God zegene ons allen. Amen.
 
Punten om over na te denken:
 
1. Wat leert de Here Jezus over “macht”?
 
2. Hoe verhoudt zich voor christenen de relatie tussen macht en bediening?
 
3. Waarom is het in de praktijk niet gemakkelijk om een dienend leider te zijn?