Dankdienst bij het vertrek van ds. Binsar Pakpahan, zaterdag, 14 januari 2012
 
Schriftlezing: Kolossenzen 1:3-8
 
In de GKIN, net als bij veel kerken in Indonesië houden wij vaak dankdiensten of danksamenkomsten thuis. Bij verschillende bijzondere blijde gebeurtenissen staan wij stil om God dank te zeggen. Er wordt een dankdienst of danksamenkomst gehouden bijvoorbeeld: bij het intreden van een nieuw huis, geboorte van een kind, verjaardag (Ik heb danksamenkomsten meegemaakt van een verjaardag van een kind van 1 jaar tot en met een oma van 99 jaar), huwelijksverjaardag, nieuwe baan, nieuwe praktijk, afstuderen, na genezing van ziekte, etc. Enkele keren hoorde ik iemand zeggen: ‘Als ik prijs of loterij win, ga ik een groot bedrag schenken aan de kerk of voor het kerkgebouw’. En dat hoort zeker ook een dankdienst bij. Niet waar? Alleen heb ik dat nog nooit meegemaakt. Misschien omdat nog niemand van de GKIN een prijs heeft gewonnen of omdat men dat geheim wil houden.
 
Als gelovigen in Christus zijn we ons ook bewust om God dank te zeggen niet alleen bij blijde gebeurtenissen, maar ook in moeilijke of droevige tijden. Daarom wordt ook een dankdienst of danksamenkomst gehouden in tijden van ziekte, na het overlijden van dierbaren. In blijde of droevige tijd, in elke situatie: God danken! Apostel Paulus spoort ons aan in I Tessalonisenzen 5:18 “Dank God onder alle omstandigheden, want dat is wat Hij van u, die één bent met Christus Jezus, verlangt”.
 
Vandaag houden wij een dankdienst bij het vertrek van ds. Binsar Pakpahan. Is dit een blijde gebeurtenis of een droevige gebeurtenis? [Wie zegt dat dit een blijde gebeurtenis is? Wie zegt dat dit een droevige gebeurtenis is? Ds. Binsar Pakpahan, niemand is blij dat u weggaat].
 
In onze Schriftlezing, in de brief van Paulus voor de gemeente in Kolosse begint Paulus met dankzegging aan God. Hij dankt God voortdurend in zijn gebeden. Hij is God dankbaar voor de gemeente in Kolosse, want hun leven laat zien dat God aan het werk is in hen en door hen. Het Evangelie van Jezus draagt vruchten in hun leven en door hun leven. Paulus zelf is nog nooit geweest in de gemeente in Kolosse, maar hij hoorde over hun groeiende geloof in Christus Jezus. Als volgelingen van Jezus zijn wij dankbaar als wij zien hoe God mensen gebruikt, als wij Gods vruchten zien in het leven van anderen. En laten wij God ook de gelegenheid geven om ons allen te gebruiken, zodat we ook een reden van dankzegging kunnen worden. Want het is God die heeft gewerkt in ons en nog steeds werkt in ons om ons te bouwen in geloof, liefde en hoop.
 
In vers 4-8 lezen wij de reden van de dankzegging van Paulus voor de gemeente in Kolosse: hun geloof, hun liefde en hun hoop. ‘Want we hebben gehoord dat u in Christus Jezus gelooft en alle heiligen liefhebt, omdat u hoopt op wat in de hemel voor u gereed ligt’.

De gemeente in Kolosse wordt gekenmerkt door drie eigenschappen: geloof, liefde en hoop. Deze drie eigenschappen horen bij een kerk van Christus. 
 
Geloof is gebaseerd op wat de Here Jezus in het verleden gedaan heeft voor ons. Zijn komst, Zijn leven en onderwijs, Zijn lijden en sterven aan het kruis, en Zijn opstanding uit de dood. Dat deed Christus alles uit liefde voor deze wereld, zodat de wereld, u en ik een herstelde relatie, liefdevolle relatie mogen hebben met God: een nieuw leven. Dit is het goede nieuws, het evangelie. Een kerk is anders dan een club of een gezellige vereniging. Een kerk kan niet bij elkaar komen alleen voor de gezelligheid zonder het geloof. Dan mis je de ziel van het bestaan. En als het niet meer gezellig is, zullen de mensen een voor een weggaan uit de kerk.  
 
Het tweede kenmerk dat hoort bij een kerk is liefde. Het is de liefde die ons identificeert als de discipelen van Jezus. Liefde is de vrucht van het geloof en het bewijs van echt geloof (1 Johannes 3:14). Geloof in Christus leidt tot Agapé, onvoorwaardelijke liefde. Door wat Jezus uit liefde gedaan had in hun leven, was de gemeente in Kolosse in staat om liefde te betuigen aan alle heiligen (allen die God toebehoren, die aan Hem en Zijn dienst gewijd zijn, medegelovigen, broeders en zusters in Christus). Paulus bedoelt hier niet de liefde tot de heiligen in de hemel. Nee, die heiligen kunnen niet meer zondigen, ook niet tegen ons. Nee, Paulus bedoelt hier de liefde tot de heiligen in de gemeente: liefde voor de ander met al hun tekortkomingen, liefde voor mensen die niet volmaakt zijn, net als wij die ook niet volmaakt zijn. Als de liefde nu niet gepraktiseerd wordt waar die moet beginnen, zal de liefde niet verder verspreiden.
 
De derde eigenschap is hoop. Geloof en liefde komen voort uit hoop, het vertrouwen in wat God in de toekomst zal doen. Het vertrouwen op de dag van Christus’ wederkomst, Zijn toekomstige heerlijkheid, en het eeuwige leven met Hem in de hemel. Geloof is gebaseerd op het verleden, liefde werkt in het heden, en hoop richt zich op de toekomst. Hoop ziet de mysteries van God, het geloof maakt dat ze van ons zijn (het je eigen maken), en liefde geeft ze aan anderen. Het geloof is de ziel die omhoog kijkt naar God; liefde kijkt om zich heen, naar anderen; en hoop kijkt vooruit, naar de toekomst. Christelijke hoop is niet slechts goede wensen of een stopwoord, als iemand zegt: ‘Kom je morgen op tijd? Ik hoop het’. Nee. Hoop is een zekere verwachting en zekerheid dat God Zijn beloften in Christus zal nakomen. Hoop is daarom als een betrouwbaar en zeker anker voor onze ziel (Hebreeën 6:19). Hoe moeilijk of stormvol het leven ook kan zijn, er is hoop die ons onafscheidelijk verbindt met de belofte van God.
 
Paulus dankt God voor geloof, liefde, en hoop in de gemeente in Kolossenzen. Maar de dankzegging van Paulus gaat nog verder. Hij dankt God voor Epafras, de geliefde medewerker (mededienstknecht), die zich als trouw dienaar van Christus voor de gemeente inzet. God werkt door mensen die zich geroepen voelen en dienstbaar willen zijn voor Zijn werk. Door de bediening van Epafras is het evangelie van Jezus verkondigd en verspreid onder de gemeente en ook daarbuiten. Door het werk van Epafras groeit de gemeente in Kolosse. En niet alleen dat. Ze dragen ook vrucht. Men kan de vrucht van de gemeente zien en genieten: geloof, hoop, en liefde.
 
Vandaag, bij de dankdienst bij het vertrek van ds. Pakpahan brengen wij dank aan God. Net als in de brief van Paulus danken wij God voor Zijn werk in de gemeente in het bijzonder in de GKIN in het 26jarige bestaan. Wij danken God voor het geloof, liefde, en hoop die door Gods genade ook aanwezig is in onze gemeente, ondanks onze zwakheden en tekortkomingen. Wij danken God dat wij in de komende tijd verder mogen groeien in geloof, hoop, en liefde en daardoor ook vruchten dragen. God is bezig geweest met ons en blijft bezig in ons.
 
Net als Epafras voor de gemeente in Kolosse, heeft God ds. Binsar Pakpahan naar de GKIN gezonden. Tijdens zijn drukte met zijn promotieonderzoek, was hij bereid om de GKIN te bedienen. Eerst voor 1 jaar. Daarna kregen wij nog bonus 6 maanden. Dus in totaal 1,5 jaar.
 
In de relatief korte tijd heeft ds. Pakpahan het hart van de gemeente gewonnen. Hij maakt veel indruk: zijn diepgang in de onderwijzing van de gemeente, zijn humor in de verkondiging, zijn creativiteit in het opstellen van programma’s of activiteiten (denk aan ‘het kerk spelletje’ tijdens de landelijke retraite), zijn flexibiliteit en goede omgang met gemeenteleden zowel jong als oud, zijn kennis van allerlei nieuws en trends in de maatschappij (kijk maar naar zijn facebook, blog, en twitter), zijn proactieve houding in de bediening, zijn snelheid en gedrevenheid (Hij heeft veel dingen geïntroduceerd in regio Arnhem/Nijmegen en Tilburg), zijn overvloedige talenten (Iemand zegt: Hij kan alles/ serba bisa: muziek, etc.). In het Ministerium (predikanten) beleven ds. Tjahjadi en ik een bijzondere fijne tijd met ds. Pakpahan. Wij hebben een goede samenwerking. Wij leren van elkaar en vullen elkaar aan [net als de drie musketiers]. Ds. Pakpahan is ook sterk in collegialiteit.
 
De relatie tussen ds. Pakpahan en de GKIN doet mij denken aan een mooie gedicht over vriendschap:
 
‘Sommige mensen komen in ons leven en zijn snel weer weg.

Sommige blijven voor een tijdje en laten voetstappen achter in ons hart.

En daarna zijn we nooit meer dezelfde persoon.’
 
Na het behalen van zijn titel doctor van theologie (20 december j.l.), neemt ds. Pakpahan nu afscheid van ons en gaat aanstaande maandag terug naar Indonesië om in Jakarta Theologische Hogeschool (STT Jakarta) te doceren. Zijn deskundigheid in theologie heeft hij geleerd niet alleen uit boeken en theorieën, maar uit eigen ervaring in de gemeente: in de GKIN. En daar mogen wij dankbaar voor zijn.
 
In deze dankdienst danken wij God voor wat Hij ons heeft gegeven in Zijn dienaar ds. Binsar Pakpahan. Ds. Binsar Pakpahan, laten wij voor elkaar blijven bidden. Bid voor ons in de GKIN. En wij bidden dat Gods zegen in uw leven (samen met uw toekomstige vrouw Dorta, en hopelijk de vele kinderen die zullen komen) en op uw werk mag rusten en het werk van Gods Koninkrijk verder wordt verbreid door uw aanwezigheid in Indonesië. Dit bidden wij u toe: dat het geloof, liefde, en hoop overvloedig aanwezig zijn uw leven.
 
Over ‘hoop’ gesproken, bewaren veel mensen nog hoop: dat ds. Binsar Pakpahan een keer zal terug keren naar de GKIN. Misschien als Indonesische professor die les geeft in Nederland en zodoende de GKIN weer kan bedienen. Deze hoop wil ik niet geheim houden.
 
Ds. Binsar Pakpahan heeft veel gronden in de GKIN bewerkt. Hier en daar heeft hij gezaaid. Vele vruchten zien wij als resultaat. Maar het werk moet voortgezet worden. Wij vertrouwen erop dat God ons de derde full time predikant, de vervanger van ds. Binsar Pakpahan naar de GKIN zal zenden.
 
En nu voor alles wat God in Christus Jezus onze Heer heeft gedaan, voor Gods werk in onze gemeente en daarbuiten, voor de reeds gedane bediening van ds. Pakpahan in de GKIN, en voor wat God in de komende tijd en in de toekomst verder wil doen met de GKIN, met ds. Pakpahan, en met Gods kerk in Indonesië, Nederland, en wereldwijd brengen wij dank uit de diepte van ons hart.
 
Zoals het lied dat wij aan het begin van deze dankdienst hebben gezongen:
 
"Dankt, dankt nu allen God
 
met hart en mond en handen

die grote dingen doet hier en in alle landen …’"
 

Amen.